Aeneas fleeing
Troy by Pompeo Batoni
Aineias vertelt:
“Mijn moeder, de godin
Aphrodite, maakte me wakker en vertelde dat de Achaeërs Troje binnengedrongen
waren. Ze drong erop aan dat we moesten vluchten.
Mijn vader, Anchises,
wilde niet mee. De dwarse oude man wilde Troje echter niet verlaten. Hij wenste
daar te sterven waar hij had geleefd en nergens anders.
Dan zat er voor mij
niets anders op dan hier te blijven en de stad te verdedigen.
Mijn vrouw
Kreousa smeekte ons om toch te vluchten. Hier zouden we zeker sterven. Tegen
deze overmacht van Achaeërs konden we niet op.
Ze had gelijk; we konden beter
vluchten.
Ik moest mijn oude vader dragen, hij was niet meer zo goed ter
been. Onze zoon, Askanios, had ik aan de hand. Achter me rende Kreousa. Zij
droeg het Palladion. Dat had zo lang veilig tegen diefstal bij ons in huis
gestaan. Na de diefstal van een replica was het niet langer verantwoord het
kostbare beeld open en bloot in de tempel te laten staan. Het was vervangen door
een van de vele houten replica's.
Samen met nog een groep andere Trojanen
vluchtten we naar de tunnels om de stad veilig te kunnen verlaten.
Ergens in
het gedrang raakte ik Kreousa kwijt. Ik kon haar nergens meer vinden.
We
vluchtten naar het Idagebergte. Daar zou niemand ons kunnen vinden. Ondertussen
zocht ik overal naar mijn vrouw. Ik riep haar naam, maar ik kreeg geen respons.
Ik maak me zorgen. Zou ze, zou ze……Nee, niet aan
denken. Het is donker. Morgen als het licht is zal ik haar wel
vinden.
KREEEEEEEEEEOUUUUUUUSAAAAAAAAAAAAAAAA”
Federico Barrocci's Aeneas' Flight from Troy 1598;
Oil on canvas, Galleria Borghese, Rome
Oil on canvas, Galleria Borghese, Rome



Geen opmerkingen:
Een reactie posten