The Procession of the Trojan Horse into Troy
1760
Giovanni Domenico Tiepolo
Courtesy National Gallery, London
Sinon
vertelt:Giovanni Domenico Tiepolo
Courtesy National Gallery, London
“Zoals verwacht ontstond er onenigheid onder de Trojanen.
Dat was het moment voor mijn opkomst. Tijd om mijn schuilplaats te verlaten en mij te laten ontdekken. Dat lukte en meteen werd ik gevangen genomen. Ik gilde dat eerst de Achaeërs mij hadden willen doden en dat nu de Trojanen mij wilden doden.
Toen werden ze nieuwsgierig. Ze wilden alles van mij weten. Ik zei dat ik het aan Priamos zelf zou vertellen. Onmiddellijk werd ik voor de koning geleid. Daar deed ik mijn zegje.
‘Mijn naam is Sinon. Ik ben een bloedverwant van Palamedes met wie ik door mijn vader uit geldgebrek werd meegestuurd naar Troje.
Odysseus had Palamedes onschuldig laten veroordelen. Daarover was ik zeer verontwaardigd. En dat heb ik Odysseus ook laten merken. Vanaf dat moment haatte hij mij en deed hij er alles aan om zich van mij te ontdoen. Hij moest alleen nog een gelegenheid vinden.
Die gelegenheid deed zich voor toen de ziener Kalchas had voorspeld dat alleen door een mensenoffer de goden verzoend konden worden en voor een gunstige wind om te vertrekken zouden zorgen. Net als destijds in Aulis. Toen hadden ze ook een mensenoffer nodig voor een gunstige wind.
En meteen wees Odysseus mij aan. Ik zou geofferd worden. En iedereen was al lang blij dat hij niet uitgekozen was.
Gelukkig wist ik te ontsnappen op een onopmerkzaam moment toen er toch een gunstige wind opstak, en ze bezig waren de schepen in gereedheid te brengen. Dagenlang heb ik me schuilgehouden. Maar nu ze eindelijk vertrokken zijn, durfde ik weer tevoorschijn te komen. Helaas werd ik weer gevangen genomen.
Ach, ik zal nooit mijn vaderland weer zien. En nooit meer mijn vrouw en kinderen.’
Ik smeekte Priamos om medelijden. Ik zag dat hij ontroerd was. Hij aanvaardde me als smekeling. Hij liet mijn boeien losmaken en vroeg me naar de betekenis van het paard. Ik vertelde hem dat het een wijgeschenk was voor de godin Athena; om haar gunst af te smeken, omdat ze sinds de diefstal van een beeldje van haar vertoornd was en de Achaeërs niets dan tegenspoed had gebracht. Zodoende hadden ze besloten te vertrekken.
Wanneer het paard ongeschonden bleef, zou Athena gunstig zijn en de mensen macht geven. Maar zodra het beschadigd werd, zou Athena alles en iedereen in de wijde omtrek vernietigen.
En ik voegde er nog aan toe dat het paard zo groot was, omdat ze er dan zeker van waren dat het Troje niet binnen zou kunnen en de Trojanen macht zou geven.
Dit overtuigde de oude koning en hij besloot dat het paard de stad in zou worden gesleept."

Geen opmerkingen:
Een reactie posten